K.J.B. De Eilanden
Wedstrijd reglement klaverjassen systeem Rotterdams
Spelregels voor het klaverjassen op de speeltafel
De gever schudt de kaarten minimaal drie maal.
De tegenpartij is verplicht af te nemen. Hierbij dient men minimaal drie kaarten van de stapel te nemen.
Het delen van de kaarten geschiedt in de volgorde 3-2-3.
Tijdens het geven laat ieder zijn kaarten op tafel liggen!
Slechts diegene die aan de beurt is om troef te maken, mag zijn/haar kaarten opnemen.
De gever is de eerste speler. Hij mag slechts mededelen “ik speel” of “ik pas” . bij ik speel dient de troeffiguur aan de mededeling te worden toegevoegd. Herstel is niet mogelijk!!.
Wanneer de gever past, dan moet de speler links van de gever mededeling doen of hij speelt of past. Past ook de tweede speler, dan is de beurt aan de derde speler. Past ook de derde speler, dan is tenslotte de vierde speler aan de beurt . wanneer alle spelers gepast hebben is de gever verplicht tot spelen. Hij moet dit dan doen met de vermelding van de troeffiguur. In alle gevallen komt de speler links van de gever als eerste uit. Indien iemand voor zijn/haar beurt uitkomt of een kaart te vroeg speelt is deze kaart een strafkaart.
Roem wordt geschreven als de volgende samenstelling op tafel ligt:
- 3 opeenvolgende kaarten van dezelfde figuur 20 roem
- Heer + vrouw van de troef (stuk) 20 roem
- Aas + heer + vrouw van de troef 40 roem
- Heer + vrouw + boer van de troef 40 roem
- 4 opeenvolgende kaarten van dezelfde figuur 50 roem
- tien + boer + vrouw + heer van de troef 70 roem
- Boer + vrouw + heer + aas van de troef 70 roem
- 4 gelijke kaarten ( van zeven t/m aas ) 100 roem
Beetgaan (nat) is voor de tegenpartij 162 punten + de door beide partijen gemaakte roem.
Roem moet worden gemeld voordat de slag, waarin deze is gevallen, is gedekt. Ook de tegenpartij is bevoegd roem te melden. Het noteren van de gemaakte roem geschiedt in cijfers en niet in tekens. In tekens genoteerde roem kan door de wedstrijdleiding in mindering worden gebracht.
Een mars c.q. pit c.q. pan is 162 punten + de gemaakte roem + 100 bonuspunten. Een zogenaamde “tegenpit”is gewoon nat (beet).
Verzaken is voor de tegenpartij (dus beide spelers) 162 punten + 100 strafpunten + de door beide partijen, tot het moment van verzaken, gemaakte roem. De verzakende partij (dus beide spelers) krijgt 0 punten. Straf en bonuspunten dient men bij de roem te schrijven.
Bij het constateren van het verzaken, voordat de slag gedekt is, is herstel mogelijk. Maar wordt de getoonde kaart een strafkaart, die open op tafel moet blijven liggen. Wanneer de gestrafte speler aan de beurt is om een kaart bij te spelen moet de speler links van de strafkaart zeggen of de strafkaart al of niet bijgespeeld moet worden. Als het bij spelen een eventuele verzaking tot gevolg zou hebben, dan mag de strafkaart niet worden bijgespeeld.
Verzaken dient direct te worden gemeld aan de wedstrijdleiding.
Alleen de wedstrijdleiding mag een straf opleggen
Een slag welke gedekt is, mag niet meer worden ingezien.
Men is verplicht het gehele spel uit te spelen, uitgezonderd bij verzaken.
Wanneer OVERDUIDELIJK AANTOONBAAR een speler een kaart op de grond of in het stapeltje doet verdwijnen, en één kaart tekort komt, dan kan de tegenpartij deze speler straffen (zie verzaken).
Verder rekenen wij erop dat sportiviteit op de eerste plaats staat. Ieder is verantwoordelijk dat hij/zij zijn acht kaarten heeft voor het spel begint.
Iedere deelnemer aan dit toernooi of kampioenschap is verplicht zich aan dit wedstrijd reglement te houden.
Bij eventuele moeilijkheden dient direct de wedstrijdleiding te worden geraadpleegd.
Aanvullende informatie van de wedstrijdleiding:
Hallo Klaverjasliefhebbers.
U bent allemaal, net als ik, gek op het klaverjasspelletje, en U zoekt er vaak vertier en plezier in, in clubverband en op toernooien. De verenigingen, die aangesloten zijn aan een overkoepelende bond, passen tijdens hun toernooien het spelreglement van de bond toe.
Het reglement biedt de wedstrijdleiding echter binnen de regels ook de mogelijkheid om een beslissing te nemen in situaties die in het samengevatte reglement niet direct
omschreven zijn, maar die wel toegepast worden in de praktijk en door de bond als reglementair gezien worden.
Enkele, voor sommige klaverjassers onduidelijke, situaties zal ik uitleggen.
1.) Straffen en tegen straffen.
2.) Beheer van gespeelde slagen en aanvulling op de strafkaart.
3.) Uitspelen van het gehele spel.
4.) Sportiviteit en spelplezier
1.) Bij vermeend verzaken dient de tegenpartij direct aan te geven dat verzaakt is en
dat men straft. De wedstrijdleider wordt geïnformeerd en deze mag de straf
toekennen, of bij gebleken ongelijk de straf omzetten ten nadele van het
straffende koppel.
In beide gevallen zal de wedstrijdleider de regel handhaven en 162 punten + 100
strafpunten toekennen aan de gelijkhebbende partij.
Echter, als het koppel, dat vermeend verzaakt heeft, toch overtuigt is dat niet
verzaakt is, mag het tegen straffen, en moet het zijn gelijk aantonen.
In deze situatie worden 162 punten en 200 strafpunten aan de gelijkhebbende
partij toegeschreven. Let op: Alleen de wedstrijdleider mag in deze situatie
beslissen. Als deze niet geïnformeerd is mag de ingediende uitslag geannuleerd
worden en is het aan de wedstrijdleiding een beslissing hieromtrent te nemen.
2.) Allen het koppel aan welk de gespeelde slag toe komt mag de slag opnemen en
en dekken. Zolang de slag zichtbaar is, al heeft de speler de slag nog open in de
hand, is herstel nog mogelijk onder toepassing van de strafkaart.
Wordt de slag niet gedekt door de speler die de strafkaart veroorzaakt heeft,
voordat hijzelf of zijn maat een kaart uitkomt voor de volgende slag, mag door
de wedstrijdleider op verzaken gestraft worden. Let op: dit geldt allen voor het
koppel wat de strafkaart veroorzaakt heeft.
In het algemeen wordt een kaart die te vroeg gespeeld wordt een strafkaart
3.) Elk spel dient tot op de laatste kaart uitgespeeld te worden, ook als duidelijk is
dat de tegenpartij geen slag meer krijgt, of dat spel niet meer te winnen is. Als
hier niet aan voldaan wordt, kan de wedstrijdleiding een straf op leggen gelijk
aan verzaken.
4.) Het wedstrijdreglement is opgemaakt om een ieder volgens vaste regels zonder
veel misverstanden het klaverjasspel te laten beleven, en niet om het plezier
aan het spel negatief te beïnvloeden. Het voornaamste is dat men het naar zijn
zin heeft en dat zo min mogelijk wanklank ontstaat en dat het element van een
wedstrijd behouden blijft.
Daarom zijn situaties denkbaar dat men het aan tafel eens wordt over een
spelsituatie, die geen interventie van de leiding vraagt, mits er geen kwade
bedoelingen uit voortvloeien die oneerlijk voordeel voor deelnemers veroorzaken.
Laten wij ons profileren als echte liefhebbers van het KLAVERJASSPEL.
G. Schreiber